Sector Amsterdam

FotoMarinevliegkamp Schellingwoude

(MVKS, Vlieghaven Schellingwoude, Vliegdienst Schellingwoude, Seeflugstützpunkt Schellingwoude)

Vrij toegankelijk

Historie:

1916 in dienst gesteld (17 april)
1918 aanleg sterkstroomleiding
1919 twee vliegtuigen verongelukt
1922 bouw nieuwe hangar en helling (120.000 gulden)
1925? buiten dienst gesteld
1926 watervliegtuig piloot Lindner verongelukt
1928 aangewezen als 'Luchtvaartterreinen in de zin der Luchtvaartwet' voor militair en civiel gebruik (Stbl. 28-1-1928)
1929 gemeenschappelijke beschikking luchtvaartterrein (26 januari)
1933 Italiaans Savoia watervliegtuig verongelukt
1933 militair gebruik beëindigd (1 augustus?)
1934/5? Charles Lindbergh maakt een tussenstop tijdens een rondvlucht door Europa ter promotie van het watervliegtuig
1937 vergunning bouw keet voor radiopeilstation (20 juli)
1938 militair gebruik hervat (12 juli?)
1938-1939 drie vliegtuigen verongelukt
1939 vervanging hangarruimte en nieuwe helling
1940 zevende Groep Vliegtuigen van De Mok (eind april)
1940 zevende Groep Vliegtuigen naar Akersloot
1940 een vliegtuig verongelukt (1 dode)

1940 aanvang aanleg Fliegerhorst (31 mei)
1940 Stab 106 Küstenfliegergruppe (juli - oktober)
1940 3./106 Küstenfliegergruppe (7 juli - oktober)
1940 3./906 Küstenfliegergruppe (27 juli - 29 november)
1940-1941 detachement 1./196 Bordfliegerstaffel (augustus 1940-augustus 1941)
1940-1941 2.Seenotstaffel (oktober 1940 - augustus 1941)
1940-1942 3./406 Küstenfliegerstaffel (2 september 1940-17 februari 1941)
1941 detachement 1./196 Bordfliegerstaffel (7 november-31 december)
1941-1942 detachement 3.Seenotstaffel (december 1941-juni 1942)
1942 detachement 1./196 Bordfliegerstaffel (april-mei)
1942 3./Seenotstaffel (juni-december)
1942-1944 2.Seenotstaffel (december 1942-juli 1944)
1942-1944 Flugplatzkommando A 24/VI (oktober 1942-april 1944)
1944 Seenotbereichskommando IV (februari-19 augustus, opgeheven)

1946? een hangar zou overgebracht zijn naar de Oranjewerf in Amsterdam-Noord (ook een van Vlb Bergen)
1968 gebouwen en hellingen bestaan nog, gebruik onbekend
1978 sloop hellingba(a)n(en) (oktober)
1983 grootste hangar nog aanwezig
>1986 hellingbanen gesloopt

LuchtfotoLocatie:

Op het kunstmatige eiland Zeeburg aan het Buiten-IJ ten oosten van Amsterdam, tegenover het dijkdorp Schellingwoude en nabij de Oranje-sluizen. De Koninklijke Landmacht had een eigen Vliegkamp Schiphol. (126.400/487.550)

Doel:

Zelfstandig vliegkamp van de Marineluchtvaartdienst (MLD). Vanaf 1939 alleen gebruikt indien Vliegkamp De Mok op Texel te weinig capaciteit had (tot 1940).
Stationering van watervliegtuigen voor het leggen van zeemijnen en het redden van piloten (1940-1945).

Personeel:

commandant: luitenant-ter-zee A.S. Thomson (1916)
vliegtuigcommandant: H. Schaper (mei 1940)

Omschrijving:

Tot 1940

De "watervliegdienst" van de Koninklijke Marine werd in 1916 opgericht met dit marinevliegkamp. Een jaar later werd ook De Mok (Texel) ingericht en werd formeel de Marine Luchtvaart Dienst opgericht.

Aanvankelijk was er één hangarloods met een hellingbaan om de watervliegtuigen in de hangar te brengen. Dit was in 1916 als tijdelijk werk aangelegd waarna procedures volgden om het ook na de mobilisatie te laten bestaan.
In 1922 werd het vliegkamp voorzien van een betonnen hangarloods en hellingbaan. Deze werd op 31 december 1921 voor 120.000 gulden aangenomen door de N.V. Internationale Gewapendbeton-bouw te Breda. De eerdere loods zou in gebruik blijven als werkplaats.

In 1928 werd het vliegkamp een algemeen vliegterrein, en daarmee het enige voor civiele watervliegtuigen. In 1932 landde er zes burgervliegtuigen, in 1933 negen. Het Ministerie van Defensie wilde in 1933 het militair gebruik geheel beëindigen. Maar in 1938 werd het vliegkamp weer in dienst gesteld voor een functie bij de verdediging.

Alhoewel in het Buiten-IJ ook geland en opgestegen werd, was het eigenlijke vliegterrein een watervlakte van ongeveer 2,5 bij 2,5 km in het huidige IJmeer direct ten oosten van de strekdam.

 

Stadskaart

Een fragment van een stadskaart uit circa 1950-1957 met het Marinevliegkamp Schellingwoude en het Militair Terrein Zeeburg.

 

Diverse typen watervliegtuigen zijn er in gebruik geweest, vooral omdat tijdens de Eerste Wereldoorlog de verschillende geïnterneerde vliegtuigen goedkoop zijn overgenomen van de oorlogvoerende landen.

In augustus 1939 waren er 3 Fokker C-XI W W vliegtuigen gestationeerd voor het vliegen van verkenningen. Op 10 Mei 1940 was alleen een vliegklaar Fokker T-VIII W torpedovliegtuig met registratie R11 aanwezig, welk type door Fokker op het Marinevliegkamp werd afgebouwd. Zie ook Marinesteunpunt Kudelstaart.

De luchtvaart was in die dagen niet ongevaarlijk. Nabij het Marinevliegkamp zijn vijf vliegtuigen verongelukt: tweemaal een Friedrichshafen FF-33L (V-16 op 11-09-1919, V-23 op 02-08-1919 in Buiten-IJ) en driemaal een Fokker C-VII W (L-1 op 23-08-1938, L-10 op 08-07-1938, L12 op 25-04-1939).

1940-1945

Tijdens de Tweede Wereldoorlog stond het vliegkamp onder commando van het 'Flugplatz Kdo A.24/VI.A.509 Luftpark' en resorteerde onder 'Flughafenbereich Amsterdam' (2/III). Het start- en landingsgebied van ca. 2,5 bij 2,5 km lag op het Buiten-IJ. Tevens werd er bij Uitdam een Scheinflugplatz aangelegd.
Fliegerhorst Schellingwoude werd uitgebouwd tot de grootste basis voor watervliegvelden in, in ieder geval, Nederland. Luchtfoto's van de RAF tonen maximaal 25 vliegtuigen. Het moet, gezien het grote aantal verliezen door ongelukken, intensief gebruikt zijn.

De Duitse bezetter stationeerde er enkele Heinkel 115 watervliegtuigen van 3./106 Küstenfliegergruppe. De 3./406 Küstenfliegergruppe vloog met Dornier 18's.
In juni 1940 verongelukte een Heinkel 115 bij de landing waarbij een bemanningslid om het leven kwam. De restanten van het vliegtuig werden in 2004 aangetroffen bij de aanleg van IJburg en zijn deels in 2005 veiliggesteld.
Later was het 2.Seenotstaffel Schellingwoude er gestationeerd met Heinkel 59 en/of Dornier 24 watervliegtuigen. Als onderdeel van Seenotflug-Kommando 4 was het hun taak om piloten van zee te redden.

Twee Heinkel 59 van 4.Seenotgruppe op Norderey (Duitse waddeneiland) brachten echter zeven Engelse bemanningsleden van de High Speed Launch (HSL) 108, die ze op de Noordzee beschoten en overmeestert hadden, via Schellingwoude aan land. Een achtste bemanningslid kreeg een zeemansgraf toen de HSL door de Kriegsmarine geborgen werd.

Tevens was een detachement van het 1.Bordfliegerstaffel 196 in Wilhelmshafen, gedurende drie verschillende perioden, voorzien van tenminste twee Arado's 196A watervliegtuigen. Hun taak bestond o.a. uit het opsporen van onderzeeboten.

De Fliegerhorst is tenminste zestien keer gebombardeerd of beschoten door Geallieerde vliegtuigen. Één geallieerd vliegtuig, een AVRO Lancaster, is op het eiland neergestort.
Ter verdediging waren een aantal lichte (20 mm) FLAK opstellingen op het eiland. Tegenover de Fliegerhorst lag een zware FLAK batterij aan de Durgerdammerdijk.

Zie Zeeburg voor informatie over de infrastructuur.

Zie Luchtvaart.

Omgeving:

De originele situatie rond het vliegkamp is verloren gegaan. Het eiland Zeeburg, een voormalig legerterrein, is nu een verkeersknooppunt.

Flora & Fauna:

-

Gemeente:

Amsterdam, NH

Eigenaar:

Onbekend

Gebruiker:

-

Gebruik:

-

Monument status:

n.v.t.

Onderhoud:

-

Kade

De noordelijke kade van Zeeburg vertoont geen spoor meer van de hangars. Onbereikbaar in de begroeiïng moeten de brokstukken van de hellingbanen liggen.
(Foto: René Ros, 1999)

Historische luchtfoto

Ter gelegenheid van het Amerikaanse vlootbezoek in juni 1924 aan Amsterdam werden acht Van Berkel W-A vliegtuigen tijdelijk op marinevliegkamp Schellingwoude gebaseerd.
(Uit: 70 Jaar Marineluchtvaartdienst, met toestemming van Uitgeverij Eisma B.V., 1924)

Hellingbaan

De Fokker FB.I amphibie wordt op Schellingwoude tewatergelaten.
(Foto: Collectie Instituut voor Maritieme Historie, Marinestaf, 's-Gravenhage, z.j.)
Marine-etablissement Kattenburg Entos Terrein