De Stelling van Amsterdam op de Lijst van het Werelderfgoed
Toespraak van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (Aad Nuis, 1933-2007) ter gelegenheid van de overhandiging door de Directeur- Generaal van de UNESCO, Federico Mayor, van de oorkonde betreffende het plaatsen van de Stelling van Amsterdam op de Lijst van het Werelderfgoed, op 25 januari 1997.
|
| De oorkonde die bij de inschrijving tot Werelderfgoed behoort. |
Het doet mij bijzonder veel genoegen u, Mr. Mayor en u, Mr. Van Kemenade, hier
vandaag te kunnen toespreken ter gelegenheid van het uitreiken van de oorkonde,
waarmee vastgelegd is dat de Stelling van Amsterdam is geplaatst op de Lijst
van het Werelderfgoed van UNESCO.
Ook richt ik mij daarbij graag in het bijzonder tot de Permanente Vertegenwoordiger
van het Koninkrijk der Nederlanden bij de UNESCO,
en tot de vertegenwoordigers van de Stichting Stelling van Amsterdam.
Dames en heren,
Allereerst wil ik mijn erkentelijkheid ervoor uitspreken, dat u, Mr. Mayor, bereid bent geweest in uw hoedanigheid van Directeur-Generaal van de UNESCO dit bijzondere moment in de geschiedenis van de Stelling van Amsterdam met uw aanwezigheid vandaag te willen markeren. Ook wil ik de provincie Noord-Holland dankzeggen, die zich de afgelopen jaren intensief heeft ingezet voor het behoud van de Stelling als provinciaal monument en die deze officiële bijeenkomst mogelijk gemaakt heeft.
Zo'n anderhalf jaar geleden heeft Simon Schama een boek gepubliceerd onder
de titel 'Landscape & Memory'. Hierin onderzoekt hij vanuit historisch perspectief
op onconventionele wijze de relatie tussen de mens en het hem omringende landschap.
Hij laat zien hoe het landschap invloed heeft uitgeoefend op onze cultuur en
op onze voorstellingswereld. Hij gaat ook na hoe het landschap door de eeuwen
heen en binnen verschillende culturen antwoord heeft gegeven op de dagelijkse
behoeften van de mens.
Een thematiek, die in vele landen hoogst actueel is, ook binnen de UNESCO en bij het toepassen van de World Heritage Convention.
Wij bevinden ons hier vandaag in wat een recent landschap genoemd kan worden.
De grond waarop wij hier in Hoofddorp staan, enkele meters beneden de zeespiegel,
vormde eens de bodem van een groot en woest meer, de Haarlemmermeer. Dit meer,
drooggelegd aan het eind van de eerste helft van de 19de-eeuw, is sindsdien
gevormd tot een cultuurlandschap waar gewoond en gewerkt wordt. Schiphol, eens
wijkplaats voor schepen op de Haarlemmermeer, heeft de betekenis gekregen van
internationale mainport voor het luchtverkeer. De wateren van dit meer vormden
een geduchte vijand voor onze verre voorouders. Toen het gebied drooggelegd
was, is bij de aanleg van de Stelling van Amsterdam, tussen 1880 en 1920 juist
dit water als verdedigingsmiddel toegepast. Het stellen van inundaties,
dat wil zeggen het onder water zetten van grote gebieden om ervoor te zorgen
dat een eventuele vijand in zijn opmars gestuit zou kunnen worden, is in het
verleden een uitzonderlijke militaire verdedigingstechniek geweest.
Fort Hoofddorp, genoemd naar
de hoofdplaats van de drooggelegde Haarlemmermeer, is een van de vele verdedigingswerken
uit de ongeveer 135 km lange Stelling. De Stelling, die tot op de dag van vandaag
een 3 tot 5 km brede open ruimtelijke zone beslaat, loopt op een afstand van
zo'n 15 km met een boog om het centrum van de hoofdstad heen, vanaf het IJsselmeer,
benoorden Amsterdam, vanaf de historische stad Edam,
weer terug tot aan Muiden ten
zuidoosten, en dat is toch bijzonder in zo'n dichtbevolkt gebied als het westen
van ons land.
Nu weten wij wat de universele betekenis is van de Stelling, die op 6 december door de Commissie voor het Werelderfgoed (World Heritage Committee) op de Lijst van het Werelderfgoed is geplaatst. De Commissie vond namelijk, dat de Stelling van 'outstanding universal value' is 'as it is an exceptional example of an extensive integrated defence system of the modern period which has survived intact and well conserved since it was created in the later 19th century. It is also notable for the unique way in which the Dutch genius for hydraulic engineering has been incorporated into the defences of the nation's capital city'.
Nederland is met grote zorgvuldigheid bezig uitvoering te geven aan de World Heritage Convention. Het doet dit aan de hand van weloverwogen thema's. Thema' s, waarbij sprake is van uitzonderlijk universeel belang, want daar gaat het om bij de World Heritage Convention. Zo is de Tentative List van de voor te dragen historische gebouwen en ensembles gegroepeerd om een drietal onderwerpen: Nederland-Waterland, de Republiek van de Zeven Verenigde Nederlanden in de 17de-eeuw, en de bijdrage van Nederland aan de internationale architectuur-beweging uit de jaren '20 van deze eeuw, die wordt aangeduid met International Movement. Naar mij is meegedeeld hebben het World Heritage Committee en het UNESCO World Heritage Centre grote waardering voor een dergelijke aanpak. Hiermee worden tevens onderwerpen aan de orde gesteld, die van belang zijn voor de vraag wat de Lijst van het Werelderfgoed kan en moet bevatten.
Op het ogenblik is een tweetal volgende aanvragen voor plaatsing in procedure bij de Commissie: voor Willemstad op Curaçao (ik kom er net vandaan en het gaat steeds beter) en voor het unieke complex 18de-eeuwse wind-watermolens in Kinderdijk. Ook dit jaar zal Nederland wederom nieuwe aanvragen indienen, ondermeer voor het wereldwijd bekende huis van de architect Rietveld, het Rietveld-Schröderhuis in Utrecht uit 1925.
Alvorens op mijn beurt over te gaan tot het overhandigen van de oorkonde aan de Commissaris van de Koningin van Noord-Holland - omdat zij in Noord- Holland hoort te prijken -, wil ik u als blijk van waardering voor het feit dat u persoonlijk deze oorkonde aan Nederland hebt willen overhandigen, het boek aanbieden waarover ik aan het begin gesproken heb.
Ik hoop dat dit boek u vaak zal herinneren aan deze gebeurtenis vandaag en u zal inspireren bij uw werk voor het behoud van dat zo kwetsbare onderdeel van ons universele culturele en natuurlijke erfgoed: het landschap.
(Afkomstig van Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen)