De Stelling

Buiten gebruik

Kringenboerderij

Een ondergewerkte kazemat in Weesp.
(Foto: René Ros, 2003)

Na de Tweede Wereldoorlog werd het tijdperk van permanente verdedigingswerken beëindigd en dat betekende het einde van de Stelling. Niet alleen het vliegtuig was de reden hiervan, maar de steeds toenemende mobiliteit en vuurkracht van een strijdmacht en de internationale samenwerking in NAVO-verband. De permanente vestingbouw is een stap geweest van de constante wapenwedloop: van knuppel tot kernwapen.

De Stelling was in 1922 opgegaan in de Vesting Holland en bestond als zelfstandig verdedigingswerk al niet meer. Decennia lang werden de verschillende forten alleen bewaakt door een fortwachter die samen met zijn gezin in hun eigen fortwachterswoning woonden. De ontberingen van de fortwachtersgezinnen op het geïsoleerde Fort aan het Pampus zijn een verhaal apart. Uiteindelijk zijn ook de fortwachters verdwenen.
In 1946 werden een groot aantal forten ingericht als kampen voor politieke delinquenten, voor Nederlanders die gearresteerd of gevangen waren gezet omdat ze tijdens de oorlog 'fout' waren geweest. Door een vrij sterke afname in het aantal gevangenen werden niet alle forten die ingericht waren als gevangenis ook echt gebruikt. In 1948 werd het laatste fort als gevangenis gesloten.

Nadat het Ministerie van Defensie de forten als vestingswerk, in ket hader van de Kringenwet, ophief zijn de forten gebruikt als magazijncomplex. Fort aan het Pampus was zelfs al in 1933 buiten gebruik gesteld omdat de hoge onderhouds- en transportkosten gemist konden worden en bovendien had de Afsluitdijk het fort overbodig gemaakt. De meeste forten zijn in 1951 opgeheven met nog een aantal in 1953 en 1960. Als laatste, en daarmee feitelijk de Stelling, werd Fort bij IJmuiden opgeheven door het intrekken van de Kringenwet in 1963 (Kon.Besluit 541, 28 november 1963).
Vanaf 1964, maar vooral rond 1990 na het einde van de Koude Oorlog, werden de forten buiten gebruik gesteld en overgedragen aan Domeinen van het Ministerie van Financiën.
Domeinen verkocht de forten in eerste instantie aan provincie, gemeente of een daaraan verbonden instelling. Pas daarna kregen bedrijven, organisaties en particulieren de mogelijkheid tot koop. De meeste forten zijn nu in erfpacht of eigendom van overheden of natuurorganisaties. In de jaren 1970 werden de inundatiewerken aan de waterschappen overgedragen.
Grappig genoeg ligt alleen de Kustbatterij bij Durgerdam, na de annexatie van 1921, binnen de Gemeente Amsterdam. Het Fort in de Laander- en Westbijlmerpolder, als aanvulling op de Posten van Krayenhoff, is in 1968 door de gemeente gesloopt.

Kaart 1910 (GIF, 18 Kb)

Kaart 1995 (GIF, 18 Kb)

Twee kaarten van 1910 en 1995 met de forten, inundatieterreinen en de uitbreidende bebouwing. (Uit: Waterlijn)

Het gebied van de Stelling wordt anno 2005 bewoond door ruim 1.762.00 miljoen mensen. Daarvan zijn er circa 532.000 die in het verdedigingsgebied wonen en daarvan zijn er weer circa 326.000 die in het voormalig inundatieterrein wonen.

Monumenten

Luchtvaart

In de tijd dat vliegtuigen nog geheel op zicht vlogen en herkenningspunten in het landschap nodig hadden, gebruikten de piloten het forteiland Pampus en de waterloop bij Spijkerboor. Vandaag de dag zijn die herkenningspunten vervangen door radiobakens en zijn Pampus en Spijkerboor twee van de belangrijkste punten in de Nederlandse luchtvaart. O.a. voor de routes van/naar voorheen het militaire Vliegkamp Schiphol.
Ten oosten van Fort bij Spijkerboor (vroeger op het fort) en ten oosten van Muiden bevindt zich een antenne.

Kwartje 1905

Kwartje uit 1905, samen met twee centen in 1998 gevonden bij de Batterij aan de Aalsmeerderweg in het puin van een gesloopte, recentere, loods.
(Foto: Jurgen Lamers)
Vrijwel alle forten en terreinen zijn officieel een Noordhollands Provinciaal monument, maar er zijn er ook die Rijks- of Gemeentelijk monument zijn. Bovendien wordt in alle moderne streek- en bestemmingsplannen rekening gehouden met de groene strook die de Stelling nu vormt. De groene strook wordt steeds meer ingericht als een aaneengesloten recreatiegebied door de aanleg van fietsroutes en natuurgebieden. Het open landschap is een onderdeel van de Stelling en wordt ook zoveel mogelijk behouden.

De gehele Stelling staat sinds 1996 op de Lijst van het Werelderfgoed van de UNESCO waaruit blijkt dat de Stelling van grote cultuur-historische waarde is, vergelijkbaar met bijvoorbeeld de Chinese Muur. De oorkonde werd op 25 januari 1997 door de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen in ontvangst genomen.
Alleen de forten, batterijen, inundatiemiddelen en kringenwetwoningen behoren tot de Stelling op de Lijst van het Werelderfgoed. Alle andere werken zoals sectorparken, magazijnen en de Militaire Drinkwatervoorziening heeft men achterwege gelaten. Verdwenen objecten worden overigens zelden genoemd, alsof de Stelling nog onaangetast is.
Daarnaast is de Stelling een van de Nationale Landschappen, zoals ook de Nieuwe Hollandse Waterlinie.

De monumentstatus van een fort beperkt het gebruik. En voor behoud is een goed onderhoud noodzakelijk en bij voorkeur een nuttig gebruik zodat verder verval en vooral betonschade wordt voorkomen. Maar er mag nauwelijks verbouwd worden om ruimten geschikt te maken voor een bepaald doel. Voor Rijks- en Provinciale (Noord-Holland) monumenten geldt bijvoorbeeld:

  1. Het is verboden om een monument te beschadigen of vernietigen.
  2. Zonder of in afwijking van een vergunning is het verboden:
    1. slopen, verplaatsen of op welke wijze dan ook aanbrengen van veranderingen van een beschermd monument.
    2. herstellen of gebruiken, of laten gebruiken, van een beschermd monument op een wijze die het monument beschadigd of bedreigd.

Door jarenlange isolatie van de fortterreinen met een eigen bodemgesteldheid en waterhuishouding is een unieke flora en fauna ontstaan. De Stelling zelf is een belangrijk groengebied geworden; de fortterreinen hebben veelal een nog grotere natuurwaarde.

Behoud

Plaquette rioolgemaal

Een gedenkplaat uit mei 1949 in Weesp herinnert aan het opheffen van de verboden kringen.
(Foto: René Ros, 2003)
Vanwege de monumentstatus zal er gezocht moeten worden naar activiteiten die ermee samen gaan zonder het monument ingrijpend te wijzigen. Maar niet alleen de forten zijn de moeite van het beschermen waard. Het gaat ook om de samenhang tussen alle delen van de Stelling. Onderdelen van de Stelling die in de loop der tijd aangelegd zijn en die nu zijn overgebleven zijn:

Ook dijken die niet speciaal voor de Stelling zijn aangelegd hebben nu een bijzondere waarde en zijn of worden monumenten. Zoals de IJsselmeerdijk en de Assendelver Zeedijk.

Kringenboerderij

Kringenwetboerderij "Vechthoeve" bij Muiden. (Foto: René Ros, 2002)

Een belangrijke rol in het behoud van de directe omgeving van de Stelling vormde de Kringenwet. Deze wet specificeerde bepaalde kringen rond vestingwerken en beperkte in sterke mate wat er gebouwd mocht worden binnen die kringen. Zo mocht in de eerste 600 meter geen bakstenen of betonnen gebouwen geplaatst worden. Op die manier heeft de Stelling jarenlang invloed gehad op de ruimtelijke ordening van een groot gebied. Alleen houten woningen mochten in de eerste kring gebouwd worden en daar zijn een paar hele mooie voorbeelden van behouden gebleven, zoals de Vechthoeve aan de Vecht bij Muiden en de rijen houten huizen aan de zuidzijde van Weesp. Mede dankzij de Kringenwet is de Stelling nu een ronde strook van drie tot vijf kilometer breed en meer dan 135 kilometer lengte die vrijwel in originele staat is.
De militaire eisen aan kleinere bouwwerken zijn ook nog steeds zichtbaar. Zo moesten bruggen bedienbaar zijn vanaf de zijde van de verdediger en de brug mocht niet boven het maaiveld uitsteken.

De Provincie Noord-Holland fungeert als spil in de coördinatie tussen de verschillende provincies, gemeenten, eigenaren en andere belanghebbenden. Niet alle bouwwerken hebben een monumentstatus maar de meeste forten en andere bouwwerken die dat wel hebben zijn provinciaal monument of Rijksmonument. De provincie en de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten hebben daarom ook een beschermende functie. Er verdwijnen echter met enige regelmatig objecten door onwetendheid van betrokken partijen of bewust door ontwikkelingen in de ruimtelijke ordening.

Diverse andere organisaties die eigenaar of gebruiker van de terreinen zijn dragen hun meer praktische deel bij. Een goed voorbeeld is de Stichting Pampus die door middel van het openstellen van Fort aan het Pampus probeert het te restaureren en de bezoekers te informeren over de Stelling en het mystieke forteiland.
Bij diverse forten worden nu werkervaringsprojecten uitgevoerd door Stichting Herstelling. Langdurig werklozen, afgekeurde bouwvakkers en ex-gedetineerden zijn, letterlijk en figuurlijk, betrokken bij de forten. Daarmee leren zij een vak in de groenvoorziening of in de bouw, terwijl het fort in een betere staat komt dan het was.

Bezoeken

Helaas is slechts een klein deel van de forten toegankelijk, maar een redelijk deel is vanaf de openbare weg goed te zien. Veel van de dijken en waterwerken hebben nog steeds een functie en zijn vaak toegankelijk.
Zie voor een lijst van opengestelde forten de pagina Bezoekinformatie.